Voorbeeldvonnis aandelenlease
 
Amsterdamse rechtbank wil handvat bieden aan Dexiaklanten die twijfelen over verder procederen
 
Het Parool 25 april 2007
 
HENK SCHUTTEN
 
AMSTERDAM - De Amsterdamse rechtbank wijst binnenkort vonnis in vier 'voorbeeld-procedures' die aandelenleaseklanten tegen Dexia hebben aangespannen. De rechtbank hoopt hiermee duidelijkheid te scheppen voor andere gedupeerde klanten die nog twijfelen of ze tegen Dexia verder willen procederen.
 
Dexia was een van de bedrijven die klanten in staat met geleend geld te beleggen in aandelen. Zij spiegelden beleggers hoge rendementen voor, maar verzwegen dat de beurskoersen vaak met 14 procent per jaar moesten stijgen om alleen al quitte te kunnen spelen. Evenmin werd verteld dat de beleggers fors moesten bijbetalen als de koersen lager uitvielen. Toen de beurs instortte, bleven honderdduizenden klanten met enorme schulden zitten.
 
De in 2005 overleden Wim Duisenberg, oud-voorzitter van de Europese Centrale Bank die als bemiddelaar optrad in het conflict met de Dexia Bank, stelde een schikking voor waarbij uiteindelijk tweederde van de restschuld zou worden kwijtgescholden. Begin dit jaar werd die regeling door het Amsterdamse Hof bindend verklaard. Klanten die niet willen schikken, en toch verder willen procederen, hebben tot 1 augustus van dit jaar de tijd om gebruik te maken van de zogenoemde
'opt-out'-regeling.
 
In de rechtbankgebouwen aan de Parnassusweg is inmiddels een speciale ruimte vrijgemaakt voor de behandeling van de aandelenleasezaken. Een speciaal team van circa dertig mensen, waaronder tien rechters, zal zich de komende tijd buigen over de geschillen.
Het is voor het eerst dat de Amsterdamse rechtbank een speciale vleugel inruimt voor de afwikkeling van zoveel zaken, zegt mr. Herman van der Meer, sectorvoorzitter kanton. De afgelopen jaren kreeg de rechtspraak regelmatig te maken met soortgelijke omvangrijke kwesties, zoals de inning van achterstallige ziekenfondspremies  - circa vijf- tot tienduizend zaken per jaar - of geschillen inzake de wet onroerende zaaksbelasting, die opliepen tot zelfs meer dan 150.000 zaken. "Maar dat waren toch zaken van een ander soortelijk gewicht," zegt Herman van der Meer, sectorvoorzitter kanton bij de Amsterdamse rechtbank: "De Dexia-affaire bevat een heleboel verschillende juridische elementen. De afwikkeling van zo'n soort zaak in deze omvang hebben wij niet eerder meegemaakt."
 
De eerste geschillen over de aandelenleaseproducten ontstonden aan het eind van de jaren negentig, toen de eerste aandelenkoersen op de beurzen begonnen te dalen. Dexia begon toen klanten van aandelenleaseproducten die hun financiele verplichtingen niet konden of wilden nakomen, voor de rechter te dagen. Die zaken werden zoals gebruikelijk in behandeling genomen door de rechtbank in de woonplaats van de gedaagde.
Maar omstreeks 2003 werden de rollen omgekeerd. Vanaf dat moment steeds meer klanten Dexia voor de rechter dagen. Omdat Dexia in de hoofdstad is gevestigd, kwamen die zaken bij de Amsterdamse rechtbank terecht.
"Op een gegeven moment zagen we dat het uit de hand begon te lopen," zegt Van der Meer: "Vooral omdat de effectenleasegeschillen zich lieten aanzien als omvangrijke zaken."
Veel zaken kwamen gebundeld binnen. Van der Meer: "Maar omdat we er al snel achter kwamen dat het om heel verschillende situaties gaat, die toch allemaal individueel door de rechter gewogen moeten worden, hebben we die gebundelde zaken zo veel mogelijk uit elkaar getrokken."
Intussen bleven de aandelenleasezaken binnenstromen. Momenteel zijn er niet minder dan 3500 zaken in behandeling, waarvan er inmiddels enkele honderden zijn afgewikkeld. Het merendeel, circa 2200 zaken, werd aangehouden, eerst in afwachting van de Duisenberg-regeling en daarna vanwege de nieuwe Wet collectieve afwikkeling massaschade. "De meeste zaken hebben dus de afgelopen jaren stilgelegen," zegt Wim van den Reek, projectleider van het Team Effectenlease, dat sinds begin dit jaar operationeel is; "Slechts in enkele gevallen werd een zaak heropend, bijvoorbeeld omdat mensen een huis wilden kopen en door de aandelenleaseaffaire geen hypotheek konden krijgen."

Merendeel van de zaken heeft tot dusver stilgelegen
 
De Amsterdamse rechtbank is nu berekend op de behandeling van zo'n 1500 zaken per jaar. Allerminst uit te sluiten valt dat het aantal procedures na 1 augustus zal verveelvoudigen omdat veel Dexia-klanten niet akkoord gaan met de Duisenberg-regeling.
Pas over enkele jaren zal de Hoge Raad zich naar verwachting over alle juridische aspecten van de aandelenleasezaken hebben uitgesproken. "Dexia zal dan zijn knopen gaan tellen en de afnemers eveneens," zegt Van der Meer: "Niemand heeft zin in een procedure waarvan de uitkomst al vast staat.  Dus de meeste zaken zullen dan uiteindelijk geschikt worden."
Toch moeten de Dexia-klanten de komende maanden al een beslissing moeten nemen of ze akkoord gaan met de Duisenberg-regeling of niet.
Eenvoudig is dat niet, gezien de vele tegenstrijdige vonnissen die tot dusver zijn gewezen. Van der Meer: "Uiteindelijk gaat het om zeer verschillende zaken. In totaal zijn er meer dan 300 aandelenleaseproducten op de markt gebracht. Ook de persoonlijke omstandigheden van de mensen kunnen fors uiteenlopen."
Om die reden heeft de Amsterdamse rechtbank onlangs vier 'voorbeeld-zaken' in behandeling genomen, waarin zoveel mogelijk juridische aspecten van de effectenlease-affaire aan bod komen. Aan de hand daarvan kunnen Dexia-klanten conclusies trekken over hun eigen kansen. "Met de voorbeeld-zaken willen wij als rechtbank zoveel mogelijk duidelijkheid geven hoe wij tegen de zaak aankijken," zegt Van den Reek: "De vonnissen kunnen voor hen als handvat dienen bij de beslissing of ze willen schikken of verder procederen."
De kans is groot dat de rechtbank in de toekomst vaker met de afwikkeling van enorme aantallen claims te maken krijgt. De eerste procedures over de beleggingsverzekeringen, de beruchte woekerpolissen, hebben zich inmiddels aangekondigd. Ook de beleggingshypotheken liggen onder vuur. Van der Meer wil er weinig over kwijt, behalve dat de Amsterdamse rechtbank de ontwikkelingen 'op de voet volgt'. En ding is volgens hem zeker; "Als die zaken op ons afkomen, zijn wij er klaar voor."
 
Het Parool